x

Spinnen

Spinnen behoren niet tot de insecten maar gemakshalve heb ik ze daar ondergebracht. Een spin bestaat uit een kopborststuk, een achterlijf en vier paar poten, insecten hebben een kop, borststuk, achterlijf en drie paar poten. Ze horen wel allemaal tot de geleedpotigen. Over het algemeen zijn de vrouwtjes groter dan de mannetjes, de afmetingen vermeld gelden vanaf het kleinste mannetje tot het grootste vrouwtje.
De hooiwagens zijn ook weer geen spinnen maar er aan verwant, bij deze beestjes vormen kop, borststuk en achterlijf één geheel. Hun naam zouden ze te danken hebben aan het feit dat ze door hun lange hoge poten aan hooiwagens deden denken.

Op de foto's met een icoon in de bovenhoek kan geklikt worden voor een vergrote uitgave.

Kruisspin (Araneus diadematus) Kruisspin (Araneus diadematus)
kruisspin icon

Misschien de bekendste spin, hij valt in ieder geval goed op midden in een vertikaal hangend web. Hij hoort tot de wielwebspinnen, het web is opgebouwd als spaken in een wiel. Daarmee worden vliegende insecten gevangen, de draden zijn kleverig waardoor het slachtoffer vrijwel geen kans heeft los te komen. Deze spinnen hebben daarom geen goede ogen nodig, ze voelen wanneer er iets in het web gevlogen is. De kleur is variabel maar altijd is de kruisvormige tekening van witte vlekjes te zien. Op deze foto de onderzijde. Een reusachtig exemplaar was een keer bezig met een nieuw web, daar heb ik een filmpje van gemaakt. Daar is te zien hoe de draad gemaakt wordt door de spintepel aan het achtereind van de spin en met de poten wordt vast gezet.

kruisspin icon

Op deze foto allemaal baby-spinnetjes, de rugtekening doet me aan kerstboompjes denken. Ze bleven een antal dagen op dezelfde plek rondkruipen maar waren daarna verdwenen. de weide wereld in of opgegeten? Volgens wikipedia klimmen ze na een dag of tien tot bovenin een plant, spinnen een losse draad die met spin en al door de wind meegenomen wordt waardoor ze zich verspreiden.
Op deze foto is een spin bezig spindraden te maken..

Venstersectorspin (Zygiella x-notata) Brede wielwebspin (Agalenatea redii)
venstersectorspin icon

Een spin van 3,5-7 mm., ze horen tot de wielwebspinnen. Hun naam ontlenen ze aan het feit dat een open sector in hun web zit waar een signaaldraad doorheen loopt, en ze maken hun web graag voor vensters.

brede wielwebspin icon

Een spin met een vrijwel rond achterlijf van 4-7 mm., zoals de naam al aangeeft maken ze een wielweb.

Driestreepspin (Mangora acalypha) Maskerspinnetje (Zilla diodia)
driestreepspin icon

Toen ik dit spinnetje eerst zag hangen dacht ik aan een soort hangmatspin, maar toen ik beter keek bleek hij onder een schuin hangend wielweb te hangen. Hij hoort dus tot de wielwebspinnen, zijn naam heeft hij te danken aan de drie donkere strepen op de rug, hoewel de middelste meer een stippellijn is. Het is een kleine spin van 3-6 mm., doordat het waaide was het lastig een echt goede foto te krijgen, met dit zijaanzicht had ik het meeste geluk.

maskerspinnetje icon

Met z'n 2,5-4,5 mm. één van de kleinste wielwebspinnen. Mannetje en vrouwtje zijn vrijwel hetzelfde getekend. Heeft een voorkeur voor lage vegetatie in beschaduwde plekken.

Wespspin (Argiope bruennichi) Eicocon wespspin
wespspin icon

Een grote, door z'n strepen opvallende spin, aan die strepen heeft hij ook z'n naam te danken. Ze maken een wielweb met daar doorheen een soort zigzag strook, stabiliment genaamd, wat op deze foto te zien is. Wat het doel daarvan is is nog niet echt bekend, zoals om te voorkomen dat het niet stukgelopen wordt, voor stabiliteit of versteviging, door UV-licht te weerkaatsen insecten trekken. De spin wacht in het midden, met de kop naar beneden, op haar prooi. Ze heeft een voorkeur voor sprinkhanen, libellen en kevers. Op de foto zoals ze was toen ik haar op 24 juli vond, daarnaast staat ze een stuk dikker op 22 augustus. Ruim een week daarna had ze een eicocon gemaakt. Op deze foto is de onderkant van de spin te zien.
Het mannetje is veel kleiner dan het vrouwtje en minder opvallend gekleurd.
De spin komt oorspronkelijk uit het Middellandsezee gebied, maar komt hier nu vrij algemeen voor. Aan het eind van de zomer legt het vrouwtje eitjes in een cocon, in maart komen de jonge spinnetjes tevoorschijn.

eicocon wespspin icon

Eind augustus was de spin verdwenen om na een dag afgeslankt weer tevoorschijn te komen. Na lang zoeken vond ik bovenin de lathyrus de eicocon, veel hoger boven de grond dan ik had verwacht en ook kleiner een golfbal zoals het internet noemde. Ook zat de spin er niet in de buurt om de cocon te bewaken, zoals ik had gelezen dat ze deden. Ze zat weer op haar oude plek en ving af en toe een vuurwants en werd weer iets dikker.

Gewone komkommerspin (Araniella cucurbitina) Groen kaardertje (Nigma walckenaeri)
komkommerspin icon

Een vrij kleine spin 4-6 mm., hoort tot de wielwebspinnen. Vanwege de groene kleur heb ik hem ter vergelijking naast het groene kaardertje gezet. Het achterlijf is meer geelgroen met kleine putjes. Aan het eind van het achterlijf zit een rode vlek rond de spinklieren zoals op deze foto te zien is.

groenkaardertje icon

Een klein spinnetje, 3-5 mm. Ze maken een vrij wollig web op enigszins omgekrulde bladeren waar ze flinke prooien vangen. Het exemplaar op de foto heeft een groene vlieg te pakken, en op deze vrij lugubere foto een grote kommazweefvlieg.

Herfst hangmatspin (Linyphia triangularis) Grote trilspin (Pholcus phalangioides)
herfsthangmatspin icon

Een spin van 4,5-6,5 mm., in de herfst zijn ze in onze tuin talrijk aanwezig. Hun web heeft de vorm van een soort hangmat met daarboven wat 'struikeldraden' waardoor de langsvliegende slachtoffers in het web vallen. Het exemplaar op de foto heeft een rhododendroncicade waarvoor ik hem toch wel dankbaar was. Hoewel dat een fraai insect is houd ik toch ook van m'n rhododendrons.

grote trilspin icon

Een bekende spin, vaak te vinden in een hoekje van het plafond. Daar maken ze een slordig web waar ze hun prooien vangen, zodra ze merken dat er iets in het web zit gooien ze met hun lange poten spinsel over de prooi om deze gelijk vast te zetten. Ze hebben een klein lijf maar enorme lange dunne poten waardoor ze wel eens voor hooiwagens worden aangezien. Ze worden trilspin genoemd omdat ze, wanneer ze zich bedreigd voelen, snel heen en weer bewegen om de vijand in verwarring te brengen.

Gewone doolhofspin (Agelena labyrinthica) Gewone huisspin (Tegenaria atrica)
gewone doolhofspin icon

Een trechterspin, na een ochtendje miezerregen zag ik op diverse lage struiken grote spinnewebben glinsteren. In het midden zit een tunnel, daar trekt de spin zich terug met de prooi en het dient als vluchtweg. Boven het web hingen nog wat draden, bedoeld om de prooi tegenaan te laten vliegen zodat ze in het web vallen. De spinnen zijn 8-12 mm. groot. Op deze foto het web met tunnel, spin en prooi.

gewone huisspin icon

Een spin van 10-18 mm. Ze horen tot de zgn. trechterspinnen, het horizontale web heeft de vorm van een trechter, de spin trekt zich terug in het smalle gedeelte.

Schorsmarpissa (Marpissa muscosa) Huiszebraspin (Salticus scenicus)
schorsmarpissa icon

De schorsmarpissa is een springspin van 6-11 mm. en heeft daarom goed ontwikkelde ogen, ze vangt haar prooi op zicht. Ze zitten graag op zonnige opervlaktes met een holletje in de buurt waarin ze weg kunnen kruipen. Vaak worden ze ook binnenshuis aangetroffen, zoals het exemplaar op de foto. Op deze foto is te zien dat het een vrouwtje is, een zwart masker bij de ogen met daaronder lichte beharing wat haar een wat komisch gezicht geeft. Ze zou zo in de Muppetshow mee kunnen doen. Klik hier voor een foto van het nest/schuilplaats.

huiszebraspin icon

Een opvallend spinnetje van 5-7 mm., hij vangt z'n prooien door ze te bespringen. Hiertoe heeft hij vier paar ogen waarvan de middelste goed ontwikkeld zijn. Om een prooi te bespringen moet je goed kunnen zien en afstanden kunnen schatten, in tegenstelling tot spinnen die wachten tot er iets in hun web gevlogen is. Op deze foto de voorkant, helaas zat hij onder een paarse dovenetel en was het wat donker.

Bonte springspin (Evarcha falcata) Gewone blinker (Heliophanus flavipes)
bonte springspin icon

Zoals de naam al aangeeft een springspin, volgens wikipedia komen ze voor in bosgebieden, op lage takken en op heide. Maar ook in onze tuin dus. Lengte 5-8 mm.

gewone blinker icon

Een klein spinnetje, zo'n 5 mm., opvallend door z'n knalgele tasters. Hij hoort tot de springspinnen en heeft helaas ook een dubbelganger, de gehaakte blinker (Heliophanus cupreus), ze komen alletwee algemeen voor dus het is een gok welke dit is. Ze zitten in lage vegetatie, graag in de zon, en zijn te vinden tussen april en augustus, de vrouwtjes vaak wat langer. Klik hier voor een foto van de rugzijde.

Kraamwebspin (Pisaura mirabilis) Kraamwebspin (Pisaura mirabilis)
kraamwebspin icon

Een spin die bij ons in de tuin veel voorkomt, een langwerpige spin van 10-15 mm. Het is een jager, in lage beplanting en op de grond. Het enige web dat deze spin maakt is voor de eicocon, wanneer de jonkies hier uit komen zitten ze nog veilig in dat kraamweb, moeder spin blijft nog een tijdje toezicht houden. Op deze foto onder een omgeboken coniferentakje het kraamweb, de eicocon, moeder spin op de achtergrond en tegen de onderkant van het takje de jonkies.

kraamwebspinnetjes icon

Op deze foto een enorm aantal baby-spinnetjes, en op deze foto een kraamwebspin met eicocon, die draagt ze een tijd bij zich tot ze die in het kraamweb ophangt en de jonkies te voorschijn komen..

Krabspin spec. (Xysticus spec.) Gewone bodemkrabspin (Ozyptila praticola)
krabspin icon

Spinnen zijn vaak lastig te determineren, dit zou een gewone krabspin of Koch's krabspin kunnen zijn, in ieder geval van het geslacht Xysticus. Het zijn jagers, ze zitten in lage vegetatie, hier op gevlekte dovenetel, hun prooi op te wachten. Het zijn spinnen van 4-8 mm. groot, op deze foto is te zien waar ze hun naam aan te danken hebben, de opzij staande poten waarmee ze ook als een krab zijdelings kunnen lopen. Kenmerken van het geslacht Xysticus zijn meer dan twee paar stekels op de voorste scheenbenen, de vierhoek gevormd door de middelste vier ogen is breder dan hoog, lange stekels op kop en borst.

gewone bodemkrabspin icon

Een spinnetje van 2,5-4 mm., twee paar stekels op de voorste scheenbenen, de vierhoek gevormd door de middelste vier ogen is hoger dan breed. Het zijn hinderlaag-zitters van waaruit ze een langslopende prooi met hun voorpoten grijpen. Overdag leven ze op de grond, daarin verschillen ze ook van de Xysticus van de soorten. Dit exemplaar had ik in huis gevonden en even op de groencontainer gezet voor een foto maar hij ging er snel vandoor.

Zwartrugrenspin (Philodromus dispar) Zwartrugrenspin (Philodromus dispar)
zwartrugrenspin icon

Hierboven het mannetje, een renspinnetje met een zwarte rug met daaromheen een witte rand. Het zijn vrij kleine jagende spinnen 4-5 mm., ze leven in lage vegetatie en struiken. Op deze foto zijn de tasters goed te zien, het lijken wel bokshandschoentjes.

zwartrugrenspin icon

Dit is het vrouwtje, heel anders van uiterlijk dan het mannetje. Hier hebben ze hun naam aan te danken, 'dispar' is Latijn voor ongelijk.

Tuinwolfspin (Pardosa amentata) Gewone tandkaak (Enoplognatha ovata)
tuinwolfspin icon

Een spin van 5-8 mm., hij maakt geen web maar is een jager. Hij is te verwarren met een aantal andere wolfspinnen. Klik hier voor nog een foto. Deze wolfspin zat na een regenbui op te drogen, de eicocon werd in de zon gehouden om op te warmen maar moeder spin stelde mijn aanwezigheid niet op prijs, ze kroop steeds weg dus heb ik haar maar snel met rust gelaten.

gewone tandkaak icon

De gewone tandkaak heeft een dubbelganger, de vergeten tandkaak Enoplognatha latimana, dit is één van de twee. Een kogelspin van 3-6 mm., ze kunnen variabel van kleur zijn. Ze zitten in lage vegetatie waar ze hun prooi opwachten en bespringen, of ze hebben een simpel web van wat loshangende draden. Op deze foto is een lichte variant te zien die bezig is met haar eicocon. De eicocons hebben een lichtblauwe kleur.

Gewone hooiwagen (Phalangium opilio) Rode hooiwagen (Opilio canestrinii)
gewone hooiwagen icon

Verwant aan de spinnen maar kopborststuk en achterlijf vormen één geheel, het lichaam is 3,5-9 mm. lang. Op vallend zijn de lange dunne poten. Deze laten los wanneer ze gegrepen worden zodat de rest van de hooiwagen kan ontkomen. Het exemplaar op de foto mist de tweede linker poot. Klik hier voor een foto van opzij.

rode hooiwagen icon

Een hooiwagen die te herkennen is aan de witte streepjes op het lichaam, heel donkere poten met een oranjerood 'koppelstuk'.

kruisspin
kruisspin
kruisspin
kruisspin
kraamwebspin
kraamwebspin
kraamwebspin
kraamwebspin
gewone huisspin
gewone doolhofspin
gewone doolhofspin
grote trilspin
brede wielwebspin
wespspin
wespspin
wespspin
wespspin
maskerspin
huiszebraspin
huiszebraspin
groen kaardertje
groen kaardertje
komkommerspin
komkommerspin
schorsmarpissa
schorsmarpissa
schorsmarpissa
tuinwolfspin
tuinwolfspin
wolfspin
venstersectorspin
herfsthangmatspin
driestreepspin
driestreepspin
bonte springspin
gewone blinker
gewone blinker
gewone bodemkrabspin
krabspin
krabspin
zwartrugrenspin
zwartrugrenspin
zwartrugrenspin
gewone tandkaak
gewone tandkaak
gewone hooiwagen
gewone hooiwagen
rode hooiwagen